Categoriearchief: Canis ad forum

Canis ad forum (hoofdstuk 13)

Paasvakantie 2018. Een gezin huurt voor het eerst een mobilhome en trekt er mee door Europa. Eindbestemming: Rome. Een avontuur op zich, maar met ook nog een hond er bij, vergroten de uitdagingen soms nog wat. Op een gezapig tempo trekt het boek door Duitsland en Oostenrijk richting Italië. Toeristische weetjes en culinaire ontdekkingen worden afgewisseld met rake observaties door mens én hond. De komende weken deel ik hier enkele fragmenten uit dit reisverhaal!  Bij het begin van hoofdstuk 13 hebben we er net een dagje Rome opzitten.

13. Trastevere

We zijn de welpen kwijt. Toch voor eventjes. Ze blijven overnachten op het appartement van Franka en Carl. Vannacht dus een iets minder volle camper.

Mijn pootjes zijn moe na de stevige stadswandeling vandaag. En ik heb honger. Mijn portie hondenbrokken van deze avond was baasje vergeten meebrengen. Ik kreeg wel wat brood van hem terwijl ik onder het tafeltje in het restaurant verborgen zat. Verder hoor je me niet klagen. Rome is een aangename stad. Hier vond ik wel af en toe een groen plekje om moeder natuur haar gang te laten gaan. En de toeristen lopen er in minder dichte drommen dan in Venetië. Links en rechts zie je hier ook beeltenissen van een hond met twee mensenwelpen er onder. Het symbool van de stichters van Rome, blijkbaar. En die hond moet een wolf voorstellen. Ik denk dat die beeldhouwer nog niet vaak een wolf van dichtbij had gezien. Of het is een wolf in schaapsvacht, want voor mij lijkt het meer op een stafford met bizarre krulletjes vooraan. En dan de gigantische tepels met die mannetjes er onder… Vreemde fantasieën hielden die Romeinen er op na.

Baasje en Vrouwtje zijn blijkbaar nog niet moe. Ze willen nog even door Rome by night slenteren. Via de Ponte Garibaldi steken we opnieuw de Tiber over. Dit is Trastevere. Dat betekent zoveel als ‘de overkant van de Tiber’. Het staat bekend als levendige uitgaansbuurt van Rome. Maar blijkbaar zijn het vooral buitenlandse toeristen die naar hier afzakken. Ik vind er niet veel gezelligs aan. En Baasje en Vrouwtje blijkbaar ook niet. We horen er vooral Engels en Duits. Buiten aan de cafés worden liters drank naar binnen gewerkt. Het is nauwelijks elf uur en toch zijn sommigen al behoorlijk dronken. We stappen snel door. Aan de rand van de wijk staat opvallend veel politie klaar om brandjes te blussen waar nodig. Wij maken ons uit de voeten. Via de Ponte Sisto keren we terug naar het Largo di Torre Argentina waar die stomme katten tussen het antiek mogen wonen. Hier zijn ook heel wat bushaltes en na amper vijf minuten wachten zijn we terug onderweg naar de stadsrand. Ook op de bus is niet iedereen nog even nuchter of wakker. Het is niet echt druk en toch slagen twee idioten er in om op mijn staart te trappen. Ik heb veel zin om in hun enkels te bijten, maar dan krijgt Baasje waarschijnlijk een hoop problemen. Ik kruip nog wat meer in de hoek en bijt op mijn tanden. We moeten nog overstappen op een andere bus in de buurt van metrostation Cornelia. Net op tijd. We halen de laatste rit in de richting van de camping. Tijd voor een dutje, want morgen trekken we ongetwijfeld weer op stadsverkenning.

Nieuwsgierig naar meer? Klik op de cover en bestel het volledige reisverhaal voor €10,85 (excl. verzendingskosten).

Canis ad forum (Hoofdstuk 8)

Paasvakantie 2018. Een gezin huurt voor het eerst een mobilhome en trekt er mee door Europa. Eindbestemming: Rome. Een avontuur op zich, maar met ook nog een hond er bij, vergroten de uitdagingen soms nog wat. Op een gezapig tempo trekt het boek door Duitsland en Oostenrijk richting Italië. Toeristische weetjes en culinaire ontdekkingen worden afgewisseld met rake observaties door mens én hond. De komende weken deel ik hier enkele fragmenten uit dit reisverhaal!  Bij het begin van hoofdstuk 8 logeren we op een camping met zich op de baai van Venetië.

8. Gasolio

Wanneer op dinsdagochtend om 7 uur een gigantisch containerschip op enkele tientallen meter langs vaart en zijn scheepshoorn test, zijn we blij dat we hier geen week moeten verblijven. We nemen onze tijd om op te kramen. We hebben minder dan 400 kilometer voor de boeg richting onze volgende kampeerplek. Tijd zat. Joppe en Tiebe kunnen nog even afscheid nemen van hun nieuwe vrienden. Vriendinnen eigenlijk. Gisteren parkeerde zich een paar meter verderop een mobilhome met Belgische nummerplaat. Veerle en ik hadden het niet eens gemerkt, maar tegen etenstijd kwamen de jongens al enthousiast vertellen hoe ze samen gespeeld hadden met ‘kindjes uit ons land’. En of ze na het eten daar de dag mochten afsluiten met een gezelschapspelletje? Dat mocht. Wanneer ik ze tegen bedtijd ging halen, kwam ik in een gezellige boel terecht. Het vriendelijke gezin uit Destelbergen had hetzelfde plan als ons opgevat. Een ideale uitvalsbasis zoeken voor een dagje Venetië en daarna verder reizen naar een andere Italiaanse regio. Omdat hun vakantie maar een weekje duurt, zullen we hen niet meer terugzien verder richting het zuiden. Zij gaan naar het Gardameer en Piemonte. Wij vertrekken naar Toscane.

Maar eerst de nodige inkopen doen. De voorraden die we thuis nog insloegen zijn al wat geslonken. De koelkast is bijna leeg, dus we gaan richting supermarkt. We hadden er zondag al één gezien bij aankomst, enkele kilometers verder richting autostrade. Maar te vroeg gejuicht. We leren dat reizen met een mobilhome ook nadelen heeft. De inritten van de gigantische parking hebben allemaal netjes een rood-wit geschilderde paal boven de weg. Het bordje zegt ‘maximale hoogte 2,50m’.  De reden? Geen idee. Er zijn geen lage doorgangen op de parking en ook geen boomtakken die in de weg kunnen hangen. Misschien schrik voor vrachtwagenchauffeurs die hier hun weekends komen doorbrengen? In elk geval kunnen wij onmogelijk parkeren met de meer dan drie meter hoge camper. Er zit maar één ding op: een plekje zoeken in de omliggende straten en een stuk te voet doen. Met onze handen vol keren we een half uur later terug. Mijn linkerarm is enkele centimeters uitgerokken door de twaalf liter water die er aan hangen. Maar we hebben terug spijs en drank voor enkele dagen, dus we kunnen verder. Al snel hebben we opnieuw een ticketje beet voor de ‘pedaggio’ en gaat het richting Bologna. Voorbije de universiteitsstad nemen we de E35 richting Firenze.

Het wordt nu ook tijd om te tanken. Ik bouw altijd voldoende marge in. De meter geeft aan dat we nog een bereik van 130 kilometer hebben. De tankstations liggen hier echter niet zo dicht bij elkaar als in Vlaanderen. Aan de volgende snelwegparking  neem ik de afrit. Maar ik vergis me en volg de bordjes voor vrachtwagens. Terugkeren is niet mogelijk, dus ik hou halt aan de pompen voor de truckers. Die tanken ook diesel, dus dat zou moeten lukken, denk ik. Verkeerd gedacht! Het tankpistool past niet in het gaatje van de mobilhome. Omdat vrachtwagens sneller hun grote brandstoftank zouden vol hebben, is de diameter van de toevoerbuis blijkbaar groter gemaakt. Hem hier vol gooien zal niet lukken.

De meter geeft nog ruim 100 kilometer rijbereik aan. Maar als ik de borden langs de autosnelweg goed heb gelezen is het nog meer dan 70 kilometer tot de volgende snelwegparking. Dat risico wil ik niet nemen. Via de gps zoeken we naar tankstations in de buurt en we kiezen voor eentje van Total, in vogelvlucht op 8 kilometer. Maar langs Toscaanse binnenwegen is dat al gauw het dubbele. Het draaien en keren zorgt er ook voor dat de meter met het maximale bereik nu veel sneller terugloopt. Nog 70 kilometer en het gevreesde rode lampje floept aan. Het tankstation dat redding moet bieden, is verdwenen. Even vloeken, maar nog geen reden tot paniek. We gaan ervan uit dat er verderop wel een alternatief zal zijn. En inderdaad. In het volgende dorp wurmen we ons langs een pomp. Geen winkeltje of pompbediende te zien. Dit is zelfbediening met een betaalkaart. Veel internationale gasten komen hier waarschijnlijk niet langs, want mijn Maestro-kaart wordt niet aanvaard. Gelukkig heeft Veerle ook een MasterCard. ‘Kan chipkaart niet lezen’, herhaalt het toestel in het Italiaans. De paniek en stress beginnen toe te slaan. Ik heb geen zin om de pechdienst van de verhuurfirma te bellen omdat ik zonder brandstof langs de kant van een Toscaanse weg sta. We zien pijlen richting de autostrade en volgen die op goed geluk. Alle wegen leiden naar Rome! Wat verderop staat een bord met een pijl naar links ‘Total, stazione di servizio, 4000m’. Gered! Maar blijkbaar moeten we eerst nog langs een kronkelige weg een stevige heuvel over. Ik hou angstvallig de meter in het oog. Alle regeltjes rond zuinig rijden wemelen door mijn hoofd. Airco uit, smartphone niet langer opladen, niet te hoog in toeren gaan, op de motor remmen,… Zes kilometer verderop is er nog steeds geen benzinestation te bespeuren. Bereik: 40 kilometer. Ik begin al te oefenen hoe ik in mijn beste Italiaans een lokale bewoner kan overhalen om enkele liters diesel over te tappen. Bereik: 35 kilometer. Mijn hartslag stijgt evenredig met de dalende cijfertjes op de meter. Het landschap is hier prachtig, maar ik kan er echt niet van genieten. De kale olijfbomen en wijnranken zijn op dit moment deel van een vijandige omgeving die mijn tank leegslurpt.

Gelukkig zitten we nu in de afdaling. Ik probeer nauwelijks aan het gaspedaal te komen. Af en toe schiet een zenuwachtige Italiaanse chauffeur me voorbij. Maar ik laat me niet opjagen. Zuinig rijden, zuinig rijden, zuinig rijden… Het bonkt als een mantra door mijn hoofd.En plots zien we de snelweg terug liggen! Met enkele honderden meters voor de oprit: een tankstation. Bereik: 30 kilometer. In één klap is de stress weg. Het voorbije uur heb ik wellicht wat dagen van mijn leven en haren op mijn schedel verloren. Maar we kunnen net op tijd tanken en zorgeloos onze reis naar Montepulciano verder zetten.Of nee… we hebben nog een klein probleempje. Het waarschuwingslampje van de toiletcontainer blijft branden. Nochtans hebben we die deze ochtend nog leeggemaakt en uitgespoeld. Daar wil ik me nu echter niet druk in maken. We zullen wel zien wanneer de tank vol is en misschien gaat het lichtje vanzelf weer uit na een volgende reinigingsbeurt.Net voorbij Firenze begint het opnieuw wat te regenen. Tiebe houdt een dweil en de emmer klaar om de druppels op te vangen die via het dakvenster binnen komen.

Nieuwsgierig naar meer? Klik op de cover en bestel het volledige reisverhaal.

Canis ad forum (hoofdstuk 4)

Paasvakantie 2018. Een gezin huurt voor het eerst een mobilhome en trekt er mee door Europa. Eindbestemming: Rome. Een avontuur op zich, maar met ook nog een hond er bij, vergroten de uitdagingen soms nog wat. Op een gezapig tempo trekt het boek door Duitsland en Oostenrijk richting Italië. Toeristische weetjes en culinaire ontdekkingen worden afgewisseld met rake observaties door mens én hond. De komende weken deel ik hier enkele fragmenten uit dit reisverhaal! 

4. De kooi

Het is zover. Baasje en Vrouwtje kwamen daarnet thuis met een gigantische wagen. In sneltreinvaart laden ze alles in. Een druilerige regen tovert alles behalve een glimlach op het gezicht van Baasje. De camper staat wegens plaatsgebrek op de oprit van de overburen. Heel wat heen-en-weergeloop, dus. Maar na een uurtje lijkt alles klaar voor vertrek. De welpen waren even bij hun oma en komen nu ook verwachtingsvol aangerend. Nog even een hap eten, alles in huis afsluiten en we zijn weg. En ik mag mee! Benieuwd hoe die reuzenwagen er langs binnen uitziet. Maar Baasje opent één van de twee kofferdeuren voor mij. Daar staat mijn vertrouwde kooi, met mijn mandje erin, drink- en eetbak (leeg) en mijn dik touw om op te kauwen. Ik ben niet enthousiast, maar spring toch de kofferbak in. Snuffelend verken ik mijn kooi. Achter mij doet Baasje het deurtje op slot! Vreemd. Dat gebeurt normaal enkel als we bezoek hebben dat niet dol is op mijn enthousiasme. Ook de kofferdeur gaat dicht en het wordt behoorlijk donker. Door een luik zie ik de welpen hun zetel inpalmen achterin de wagen. Daar lijkt plaats genoeg te zijn voor mij ook! Jammer.

We vertrekken! De motor gromt. Baasje draait langzaam achteruit de straat op. Vrouwtje stapt in. Onze reis is gestart. Maar ik vind het al onmiddellijk niet meer leuk. Mijn etensbak begint van links naar rechts te schuiven. De kooi rammelt en ook elders in de kofferbak ligt er van alles te trillen en bewegen. Mijn oren doen er pijn van. En in het donker heb ik het ook moeilijk om mijn evenwicht te houden. Ik moet hier weg!!

Ik duw met mijn neus tegen het deurtje van de kooi. Maar voorlopig komen de slotjes niet los. Ik duw wat harder. Baasje en Vrouwtje schreeuwen mijn naam. Ze willen dat ik mijn uitbraakpoging stop, maar ik moet hier weg of ik word gek. Onderaan heeft het deurtje wat speling. Ik duw er hard tegen met mijn kop. Mijn krachtige kaken komen goed van pas. Ik voel de tralies wat verbuigen. En plots springt de deur open. Sneller dan mijn schaduw rep ik me naar het luik en zit ik in de leefruimte van de camper. Baasje is niet blij. We zijn nauwelijks enkele kilometer ver en hij zet de camper al aan de kant. Hij dwingt me opnieuw in de kooi en plaatst een curverbox met schoenen voor het deurtje. Goed geprobeerd. Maar nog geen kilometer verder zit ik opnieuw naast de welpen. Een vloek en een diepe zucht achter het stuur. Voorlopig heb ik gewonnen. We rijden verder en ik ben weg van die vreselijk lawaaierige koffer.

Nieuwsgierig naar meer? Klik op de cover en bestel het volledige reisverhaal.

Canis ad forum (Proloog)

Paasvakantie 2018. Een gezin huurt voor het eerst een mobilhome en trekt er mee door Europa. Eindbestemming: Rome. Een avontuur op zich, maar met ook nog een hond er bij, vergroten de uitdagingen soms nog wat. Op een gezapig tempo trekt het boek door Duitsland en Oostenrijk richting Italië. Toeristische weetjes en culinaire ontdekkingen worden afgewisseld met rake observaties door mens én hond. De komende weken deel ik hier enkele fragmenten uit dit reisverhaal! 

Proloog

We zijn de kinderen kwijt! Bijna twee weken zorgeloos op reis, acht Europese landen doorkruist en op de laatste dag… Paniek!

Het leek nochtans onschuldig. Nadat een klas Duitse scholieren ons al joggend rond het meer passeerden, wouden onze twee jongens zelf ook een beetje lopen. Aan energie hebben ze meestal geen gebrek, ook niet na twaalf dagen met net iets te weinig slaap. De afspraak was duidelijk. ‘Jullie volgen de symbooltjes van de ‘Tafeltour’ die we vandaag gaan wandelen. En je stopt regelmatig zodat we terug oogcontact hebben!’ En weg zijn ze. Zeven en negen jaar, bijna acht en tien. Broederlijk zij aan zij rennend.

We hebben er een fantastische trip opzitten. Voor het eerst op pad met een gehuurde camper. Eindbestemming: Rome. Dicht bij elkaar leven, genieten van het onderweg zijn en bijna elke dag een nieuwe omgeving om te ontdekken. De beperkte ruimte van ons zeven meter lange, rijdende huis vormde op geen enkel moment een reden tot frustraties. Zelfs niet met Vasco, onze Amerikaanse stafford erbij. Voor we huiswaarts keren, pikken we er voor de resterende twee nachtjes een camping in het Duitse Losheim am See uit.

Op de plek voor campers staan we moederziel alleen in een hoekje van het terrein. Niet dat we dat erg vinden. Een beetje rust op het eind van onze reis is meer dan welkom. Alhoewel… rust?

We zien Joppe en Tiebe linksaf een wegje nemen en in de verte verdwijnen. Maar ze hebben zich vergist. De pijl op dat kruispunt staat gewoon rechtdoor. Mijn vrouw en ik blijven vertwijfeld even staan. Wat doen we? Zouden ze er zelf achter komen dat ze verkeerd zijn en op hun stappen terugkeren? Of gaan we er achteraan om hen weer op het rechte pad te brengen? We kiezen voor de tweede optie. Vijftig meter verderop schiet vlak voor ons een slang de weg over. Vasco schrikt en gromt. Een slecht voorteken? We roepen de jongens hun namen. Geen reactie. We komen aan een nieuwe splitsing. Links een aardeweg langs een klein beekje. Rechtdoor een brede weg omhoog die achter een ruime bocht het bos in verdwijnt. Waar zijn ze in godsnaam heen? Wellicht naar links. Daar hangen bordjes met de herkenbare pijltjes van onze wandeling. Wellicht het einde van ons voorziene traject. Maar volgens Veerle kijken ze niet naar die pijltjes, maar op een kaart die ze mee hebben. En dan lijkt het logischer dat ze rechtdoor gingen. We splitsen op en spreken af om elkaar op de hoogte te houden via de smartphone. Leve de uitvinder van de gsm!

Op een brugje staat een wat ouder koppel romantisch naar het water te turen. Zij met halflang grijs haar, een modieuze bril en een okerkleurige lange trui, hij al kalend met een blauwe jeans en een polo in dezelfde kleur. Ik vraag in mijn beste Duits of ze twee kinderen gezien hebben. ‘Scholieren die hier joggen? Die hebben we gezien!’ Maar als ik verduidelijk dat het om jongens van zeven en negen jaar gaat, schudden ze het hoofd. Niets gezien. Als ze dit traject kozen, moeten ze hier nochtans voorbij gekomen zijn. Ik bel Veerle en zeg dat ik haar richting uit kom. Ik wandel in ijltempo terug, Vasco volgt zonder morren. Het schrandere dier begrijpt ook dat er iets aan de hand is en lijkt zijn gangbare trekken en sleuren aan de leiband solidair achterwege te laten.

Intussen zijn we onze kroost al 20 minuten uit het oog verloren, maar het lijkt een eeuwigheid. Boven aan de heuvel zie ik Veerle. De bosweg komt uit op een grote baan met heel wat verkeer. Het is ondenkbaar dat de jongens hier in hun eentje overstaken. Daarvoor hebben we onze opvoedkundige plichten iets te secuur ter harte genomen. Er loopt nog een smal spoor naar beneden, maar dat lijkt meer een wegje voor het lokale wild dan echt een wandelpad. Met lichte wanhoop in onze stemmen schreeuwen we de kinderen hun naam over het dal. JOPPE!!! TIEBE!!!!

Geen reactie.

 

Nieuwsgierig naar meer? Klik op de cover en bestel het volledige reisverhaal.